FPA-6 – Afdichting van dilatatievoegen vernieuwen
Dilatatievoegen zorgen ervoor dat vloerdelen ten opzichte van elkaar kunnen bewegen zonder dat hierdoor ongewenste spanningen in de constructie ontstaan. Tegelijkertijd moet de voeg voldoende afgesloten blijven om te voorkomen dat bijvoorbeeld water, vuil of chemicaliën via de opening binnendringen.
De flexibele afdichting in zo’n voeg heeft echter geen onbeperkte levensduur. Door herhaalde beweging, veroudering, vermoeiing, chemische aantasting of onvoldoende hechting kan het materiaal na verloop van tijd loskomen of beschadigd raken. In sommige situaties verdwijnt de afdichting zelfs gedeeltelijk of volledig.
Belzona System Leaflet FPA-6 behandelt het verwijderen en vervangen van dergelijke voegafdichtingen. Daarbij kan een nieuwe flexibele afdichting rechtstreeks in de voeg worden gevormd of kan, afhankelijk van de situatie, een vooraf gevormde afdichtingsstrip worden verlijmd.
Wanneer moet een afdichting van een dilatatievoeg worden vervangen?
Een defecte voeg is niet altijd direct herkenbaar aan één specifiek schadebeeld. Soms is het afdichtingsmateriaal zichtbaar gescheurd of losgekomen, terwijl in andere gevallen vooral water of chemicaliën via de voeg de constructie binnendringen.
FPA-6 kan onder andere relevant zijn bij:
- Ontbrekend of gedeeltelijk verdwenen voegmateriaal
- Loslating van de bestaande afdichting
- Scheuren en vermoeiingsschade in het voegmateriaal
- Verouderde afdichtingen die hun oorspronkelijke eigenschappen hebben verloren
- Chemische aantasting van de bestaande sealant
- Openingen waardoor water of chemicaliën kunnen binnendringen
- Horizontale dilatatievoegen
- Voegen op een hellend oppervlak
- Voegen waarin relatief veel beweging wordt verwacht
- Vloeren waar verkeer over de voeg plaatsvindt
- Toepassingen waarbij een vooraf gevormde afdichtingsstrip wordt gebruikt
Niet alleen de toestand van het afdichtingsmateriaal moet worden bekeken. Ook de voegranden zelf moeten voldoende intact zijn. Zijn deze uitgebroken of sterk beschadigd, dan beschrijft Belzona hiervoor een afzonderlijke herstelmethode binnen FPA-5 voordat de flexibele afdichting wordt vernieuwd.
Wat bepaalt de keuze van het nieuwe voegsysteem?
Een dilatatievoeg moet kunnen blijven bewegen. Daarom kan niet iedere flexibele Belzona-oplossing zonder meer voor iedere voeg worden gebruikt.
Volgens FPA-6 moet bij de materiaalkeuze onder andere rekening worden gehouden met:
- De verwachte beweging van de voeg
- De oriëntatie van de voeg
- Eventuele blootstelling aan chemicaliën
- Verkeer over de voeg
- De ondergrond en toestand van de voegranden
- De gewenste verwerkingstijd
Voor een horizontale voeg kan bijvoorbeeld een vloeibaar systeem worden gebruikt dat in de voorbereide opening wordt gegoten. Bij een hellende voeg is juist een paste-grade materiaal nodig dat tijdens de applicatie op zijn plaats blijft.
Ook een voeg waarin relatief veel beweging optreedt vraagt om andere materiaaleigenschappen dan een voeg waarvan vooral chemische belasting wordt verwacht.
Hoe wordt een bestaande voegafdichting vernieuwd?
FPA-6 beschrijft zowel het vormen van een nieuwe afdichting in de bestaande voeg als het verlijmen van vooraf gevormde afdichtingsstrips.
1. De oude afdichting volledig verwijderen
De eerste stap is het verwijderen van het bestaande voegmateriaal. Ook de aanwezige backer rod wordt verwijderd.
Wanneer achter of onder de afdichting vulmateriaal aanwezig is dat met vocht verzadigd is geraakt, moet dit eveneens uit de voeg worden gehaald.
Hierdoor komt het oorspronkelijke voegprofiel vrij en kan worden beoordeeld in welke conditie de wanden en randen verkeren.
2. De voegwanden geschikt maken voor hechting
Restanten van het oude voegmateriaal kunnen de hechting van de nieuwe afdichting verminderen. Daarom worden de zijkanten van de voeg mechanisch voorbereid.
FPA-6 noemt hiervoor onder andere het gebruik van een slijpmachine. Bij metalen nosings kan stralen een geschikt alternatief zijn.
Bij niet-metalen voegranden moet tijdens de voorbereiding worden voorkomen dat de oorspronkelijke vorm onnodig wordt afgerond.
Na deze bewerking worden stof en los materiaal uit de voeg verwijderd met bijvoorbeeld een stofzuiger of perslucht.
3. De ondergrond conditioneren
Voordat het flexibele materiaal wordt aangebracht, worden de oppervlakken waarop het systeem moet hechten geconditioneerd.
Voor de Belzona 2000 Series noemt FPA-6 Belzona 2911 of Belzona 2921 Conditioner. Wanneer Belzona 4521 wordt toegepast, wordt Belzona 4911 Conditioner gebruikt.
De conditioner wordt als een dunne laag op de voorbereide hechtvlakken aangebracht en moet vervolgens volgens de betreffende Instructions For Use worden behandeld.
4. De juiste voeggeometrie creëren
Bij een rechtstreeks gevormde afdichting wordt een gesloten-cel foam backer rod in de voeg geplaatst.
De verhouding tussen de voegbreedte, de diameter van de backer rod en de diepte waarop deze wordt aangebracht is belangrijk. FPA-6 geeft als richtlijn dat de diameter van de backer rod ongeveer 20% groter moet zijn dan de breedte van de voeg.
De afstand tussen de bovenzijde van de backer rod en de bovenzijde van de voeg wordt ingesteld op ongeveer de helft van de voegbreedte. Daarmee ontstaat de gewenste geometrie voor de flexibele afdichting.
5. Een horizontale voeg afdichten
Bij horizontale voegen kan een vloeibaar Belzona-systeem worden toegepast.
Het materiaal wordt eerst tegen de voorbereide zijwanden van de voeg aangebracht. Vervolgens wordt de rest van de voeg gevuld.
De bovenzijde wordt daarbij licht hol afgewerkt. Die concave vorm hoort bij de voeggeometrie die in FPA-6 voor deze reparatiemethode wordt beschreven.
6. Een hellende voeg afdichten
Bij een hellende voeg wordt een paste-grade elastomeer gebruikt.
Het materiaal kan met een geschikte cartridge gun in de voeg worden aangebracht. Tijdens het vullen moet luchtinsluiting zoveel mogelijk worden voorkomen.
Na het vullen wordt het oppervlak afgewerkt met een geschikt gereedschap. Daarmee wordt het materiaal tevens stevig tegen de onderzijde en wanden van de voeg gedrukt en wordt opnieuw een licht concave afwerking gevormd.
7. Een vooraf gevormde afdichtingsstrip verlijmen
FPA-6 biedt daarnaast de mogelijkheid om een preformed seal in de voeg te bevestigen.
De zijkanten van deze afdichtingsstrip worden eerst opgeruwd. Daarna worden zowel de relevante oppervlakken van de voeg als de strip behandeld en van het gekozen Belzona-materiaal voorzien.
Vervolgens wordt de strip zorgvuldig op zijn uiteindelijke positie geplaatst. Een rechte lat of template kan daarbij helpen om de positionering over de lengte van de voeg gelijkmatig te houden.
Welke Belzona-producten worden binnen FPA-6 gebruikt?
Binnen FPA-6 worden meerdere flexibele Belzona-materialen genoemd. Ze verschillen onder andere in consistentie, hardheid, modulus, rek en verwerkingstijd. Daardoor kunnen ze voor verschillende typen voegen en belastingen worden geselecteerd.

Belzona 2111 – D&A Hi-Build Elastomer
Belzona 2111 is een paste-grade elastomeer met een relatief hoge hardheid en modulus. Binnen de System Selector van FPA-6 wordt het onder andere genoemd voor het vormen van hellende voegen.
Daarnaast wordt Belzona 2111 binnen het systeem geselecteerd voor toepassingen waar chemische morsingen een rol kunnen spelen. De pasteuze consistentie maakt het mogelijk het materiaal aan te brengen op plaatsen waar een vloeibaar product niet voldoende op zijn positie zou blijven.

Belzona 2131 – D&A Fluid Elastomer
Belzona 2131 is de vloeibare variant binnen deze elastomeergroep en kan daardoor in horizontale voegen worden gegoten.
FPA-6 noemt het zowel voor horizontale voegen als voor gebieden waar blootstelling aan chemische morsingen kan voorkomen. In KHIA 5217 werd juist dit product gebruikt om een defecte dilatatievoeg in een betonnen magazijnvloer opnieuw af te dichten.

Belzona 2211 – MP Hi-Build Elastomer
Belzona 2211 is een paste-grade flexibel materiaal met een lagere hardheid en een hogere rek dan Belzona 2111.
Binnen FPA-6 wordt het daarom niet alleen genoemd voor hellende voegen, maar ook voor situaties waarin relatief veel beweging van de voeg moet kunnen worden opgevangen.

Belzona 2221 – MP Fluid Elastomer
Belzona 2221 is een vloeibaar elastomeer en wordt gebruikt bij horizontale dilatatievoegen.
Het materiaal heeft binnen de technische vergelijking van FPA-6 een hoge rek en wordt in de System Selector geselecteerd voor toepassingen waar grotere voegbewegingen worden verwacht.

Belzona 2311 – SR Elastomer
Belzona 2311 onderscheidt zich vooral door de korte verwerkingstijd. FPA-6 noemt bij 15 °C een working life van ongeveer vier minuten.
Binnen de System Selector wordt het materiaal daarom aangewezen voor snelle, lokale reparaties. Het kan relevant zijn wanneer slechts een gedeelte van een bestaande flexibele afdichting moet worden aangepakt en de beschikbare onderhoudstijd beperkt is.

Belzona 4521 – Magma-Flex Fluid
Belzona 4521 is een vloeibaar flexibel materiaal met een lagere Shore A-hardheid en modulus dan de Belzona 2000 Series-producten die in hetzelfde leaflet worden vergeleken.
Binnen FPA-6 wordt het genoemd voor algemene voegafdichting en kan het worden ingezet bij horizontale voegen. Voor oppervlakken waarop Belzona 4521 moet hechten, schrijft het leaflet Belzona 4911 Conditioner voor.
Belzona 2911 en Belzona 2921
Belzona 2911 en Belzona 2921 worden gebruikt als conditioners voor oppervlakken waarop een Belzona 2000 Series elastomeer wordt aangebracht.
Hun functie ligt dus niet in het vullen van de dilatatievoeg zelf, maar in het voorbereiden van het hechtvlak voor het gekozen elastomeersysteem.
Belzona 4911
Belzona 4911 vervult een vergelijkbare voorbereidende functie wanneer Belzona 4521 wordt toegepast.
De conditioner wordt aangebracht op de oppervlakken waaraan Belzona 4521 vervolgens moet hechten.
Welk product uiteindelijk wordt geselecteerd, moet worden bepaald aan de hand van de gewenste beweging, positie van de voeg, chemische belasting, verkeersbelasting en overige bedrijfsomstandigheden.
Praktijkvoorbeeld: dilatatievoeg in een magazijnvloer opnieuw afdichten
Een praktijkvoorbeeld van FPA-6 is Belzona Know-How in Action 5217 – Expansion Joints Repaired with Belzona.
Deze reparatie werd in mei 2014 uitgevoerd in een magazijn in London, Ontario, Canada. De bestaande afdichting van een dilatatievoeg in de betonnen vloer was defect geraakt.
Het probleem had ook directe gevolgen voor het gebruik van de vloer. Volgens de KHIA was het betreffende gedeelte afgesloten voor heftrucks en handling equipment zolang de voeg niet bruikbaar was.
De reparatie werd vervolgens uitgevoerd volgens System Leaflet FPA-6.
Voorbereiding van de bestaande voeg
Het oude voegmateriaal werd zowel handmatig als met een slijpmachine verwijderd.
Tijdens het slijpen werd tegelijkertijd een stofzuiger gebruikt. Daarmee werd het vrijkomende stof sterk beperkt en kon het beton rond de voeg schoon worden voorbereid.
Vervolgens werd het applicatiegebied afgeplakt.
Conditioneren en opnieuw vullen
Over het voorbereide voeggebied werd Belzona 2911 Elastomer QD Conditioner aangebracht.
Daarna werd Belzona 2131 D&A Fluid Elastomer in de horizontale dilatatievoeg gegoten. Na de applicatie werd de masking tape verwijderd en kon het nieuwe elastomeersysteem uitharden.
Volgens de KHIA kon Belzona 2131 bij deze toepassing zonder specialistisch applicatiegereedschap worden verwerkt. De case noemt daarnaast onder andere flexibiliteit, slijtvastheid, mechanische sterkte en weerstand tegen atmosferische aantasting als relevante eigenschappen van het systeem.
Foto’s van de toepassing
De vier foto’s uit KHIA 5217 laten het verloop van de reparatie zien.

Beschadigde dilatatievoeg vóór de reparatie
De oorspronkelijke situatie in de magazijnvloer, waarbij de bestaande voegafdichting niet langer functioneerde.

Voorbereiding van de dilatatievoeg
Het bestaande voegmateriaal wordt verwijderd en de betonnen ondergrond wordt mechanisch voorbereid. Tijdens het slijpen wordt stof direct afgezogen.

Aanbrengen van Belzona 2131
Na de voorbereiding en het aanbrengen van Belzona 2911 wordt het vloeibare Belzona 2131 in de horizontale voeg gegoten.

Afgeronde voegafdichting
De dilatatievoeg is opnieuw voorzien van een doorlopende flexibele afdichting en de applicatie is voltooid.
Waarom de bestaande voeg niet simpelweg opnieuw vullen?
De werking van een nieuwe voegafdichting is afhankelijk van meer dan alleen het flexibele materiaal dat in de opening wordt aangebracht.
Resten van oude sealant, onvoldoende voorbereide voegwanden, een verkeerde geometrie of beschadigde voegranden kunnen allemaal invloed hebben op de uiteindelijke reparatie. Daarom besteedt FPA-6 nadrukkelijk aandacht aan het verwijderen van de oude afdichting, de oppervlaktevoorbereiding, conditionering en de positionering van de backer rod.
Bij de magazijntoepassing uit KHIA 5217 werd die volledige voorbereiding gecombineerd met Belzona 2911 en Belzona 2131. Daarmee kon de bestaande defecte afdichting worden vervangen door een nieuwe flexibele voegoplossing.
Andere FPA-oplossingen voor industriële vloeren
De conditie van een dilatatievoeg kan betekenen dat niet alleen de flexibele afdichting moet worden aangepakt. Binnen de FPA-serie zijn daarom ook andere reparatiemethoden beschikbaar.
- FPA-5 – Dilatatievoegen en vloerhoeken herstellen, voor beschadigde of uitgebroken voegranden die eerst opnieuw moeten worden opgebouwd voordat de afdichting kan worden vernieuwd.
- FPA-7 – Dilatatievoegen afdichten en beschermen, voor situaties waarin aanvullende afdichting en bescherming rond expansievoegen nodig is.
Wilt u bekijken welke andere oplossingen mogelijk zijn? Ga dan naar het overzicht Industriële vloeren herstellen en beschermen | Belzona System Leaflets.
Advies over het vernieuwen van dilatatievoegen
Een beschadigde voegafdichting kan het gevolg zijn van meerdere factoren. Daarom moet bij een reparatie niet alleen naar het zichtbare defect worden gekeken, maar ook naar de hoeveelheid voegbeweging, de toestand van de ondergrond, de belasting door verkeer en eventuele blootstelling aan water of chemicaliën.
Heeft u te maken met een gescheurde, losgekomen of ontbrekende afdichting in een dilatatievoeg? Neem dan contact met ons op. We bekijken samen met u de toestand en belasting van de voeg en beoordelen welk Belzona-systeem het beste bij de toepassing aansluit.